De Veluwe is volgens een nieuw onderzoeksrapport van onafhankelijk onderzoeksbureau EcoJust het belangrijkste gebied voor mogelijke wolvenstroperij in Nederland. Sinds de terugkeer van de wolf in 2018 zouden volgens de onderzoekers minstens 41 wolven illegaal zijn gedood, waarbij een groot deel van de gevallen zich op de Veluwe zou hebben afgespeeld.
Omroep Gelderland meldt op basis van het rapport Terug in het vizier – Wolvenstroperij in Nederland dat daarnaast 38 van de 259 geregistreerde wolven spoorloos zijn verdwenen. Onderzoeker Pauline Verheij stelt dat deze verdwijningen niet volledig kunnen worden verklaard door natuurlijke sterfte of migratie en wijst op mogelijke verborgen stroperij.
Noord- en Midden-Veluwe genoemd als kerngebieden
Volgens het onderzoek vormt de Noord-Veluwe de belangrijkste hotspot voor wolvenvervolging. Daarbij worden onder meer de gebieden rond Nunspeet, Hulshorst, Elspeet en Doornspijk genoemd. Ook de centrale Veluwe, met gemeenten als Ede, Barneveld en Apeldoorn, komt naar voren als een gebied waar volgens de onderzoekers sprake is van verhoogde risico’s voor wolven.
Het onderzoek is gebaseerd op analyses van sociale media, tien jaar aan monitoringsgegevens en interviews met 61 betrokkenen.
Twee bewezen gevallen in Gelderland
Van twee gevallen staat vast dat wolven slachtoffer zijn geworden van stroperij. Beide incidenten vonden plaats in Gelderland: in Stroe in 2021 en in Ugchelen in 2022. Volgens de onderzoekers wijzen verschillende signalen erop dat het werkelijke aantal hoger ligt.
Het rapport beschrijft uiteenlopende methoden waarmee wolven zouden worden gedood, waaronder afschieten, opzettelijk aanrijden en vergiftigen. Ook wordt verwezen naar een incident bij Oene, waar begin 2025 beelden verschenen van automobilisten die een wolf met hoge snelheid achtervolgden.
Kritiek op handhaving en bescherming
EcoJust stelt dat frustraties onder veehouders over wolvenaanvallen op vee een belangrijke rol spelen. Volgens de onderzoekers schieten zowel beschermingsmaatregelen als handhaving tekort, waardoor de pakkans voor stropers beperkt blijft.
Daarnaast zouden sociale media bijdragen aan de verspreiding van anti-wolfsentimenten en desinformatie, wat volgens het rapport het maatschappelijk draagvlak voor de bescherming van de wolf verder onder druk zet.
BIJ12 plaatst kanttekeningen
Uitvoeringsorganisatie BIJ12 zegt de conclusies over grootschalige stroperij niet te kunnen onderbouwen op basis van de beschikbare monitoringsgegevens. Volgens de organisatie zijn tot nu toe twee gevallen van stroperij of verdachte omstandigheden vastgesteld.
BIJ12 benadrukt dat illegale doding moeilijk is aan te tonen, omdat daarvoor eerst een kadaver moet worden gevonden en onderzocht. De organisatie doet daarom geen uitspraken over het aantal verdwenen wolven of de mate waarin die verdwijningen mogelijk verband houden met stroperij.


