Het Openbaar Ministerie (OM) heeft vrijdag hoger beroep aangetekend tegen de vrijspraak van de producenten van de Stint in de zaak rond het dodelijke ongeluk op 20 september 2018 op een spoorwegovergang in Oss. Tijdens het ongeluk kwam een Stint in botsing met een trein, waarbij vier kinderen om het leven kwamen. Een vijfde kind en een begeleidster raakten zwaargewond.
Vrijspraak producenten
Twee weken geleden sprak de rechtbank in Den Bosch de Stint-producenten, Edwin Renzen en Peter Noorlander, vrij. Volgens de rechtbank kon niet worden bewezen dat zij opzettelijk een schadelijk voertuig op de markt hadden gebracht. Het OM noemde de uitspraak teleurstellend en kondigde direct aan in hoger beroep te gaan.
Reden hoger beroep
Volgens het OM kan het zich niet verenigen met de overwegingen en conclusies van de rechtbank. Het hoger beroep wordt voorgelegd aan het gerechtshof, waar de zaak opnieuw wordt beoordeeld. De exacte oorzaak van het ongeval is ondanks uitgebreid onderzoek nooit vastgesteld.
Reactie van nabestaanden
De nabestaanden en slachtoffers reageren met gemengde gevoelens op het besluit van het OM. Een woordvoerder van de betrokken families zegt: „Ze zijn strijdbaar en hopen op gerechtigheid, maar zien er tegelijkertijd tegenop omdat dit ongetwijfeld weer een langdurig proces wordt.”
Achtergrond
De Stint, een elektrisch aangedreven vervoermiddel voor kinderen, werd oorspronkelijk bedacht in Zeewolde. De productie vond plaats in Putten, en het bedrijf had daarnaast een productielocatie in Nijkerk. Eerder had het OM tegen de betrokken personen elk vijf jaar gevangenisstraf geëist en tegen hun bedrijven, waaronder Stint Urban Mobility, boetes van 225.000 en 135.000 euro.


