De Raad van State heeft geoordeeld dat het besluit van de minister om het aantal visdagen op brasem te beperken tot twee dagen per jaar terecht is. Dit geldt voor het IJsselmeer en Markermeer, waar het volgens het ministerie slecht gaat met de brasem.
Volgens Dagblad De Stentor gingen acht beroepsvissers uit Harderwijk, Ermelo, Urk en het Friese Makkum in hoger beroep tegen de beslissing. De rechter stelde dat de minister terecht twee rapporten uit 2020 van Wageningen Marine Research (WMR) gebruikte om het besluit te onderbouwen. Het advies van WMR was oorspronkelijk om de brasemvisserij volledig stil te leggen.
Vroeger mochten vissers nog op 135 dagen per jaar op brasem uitvaren; dit aantal werd in de loop der jaren teruggebracht naar zeven dagen en is nu beperkt tot twee. De vissers hadden een compromis van vijf dagen voorgesteld, maar dat werd afgewezen. Vrijwillige stopzetting van de brasemvisserij werd beloond met een vergoeding van 49.300 euro per visser, maar geen van hen accepteerde dit aanbod.


