In Ermelo, Harderwijk en Zeewolde hebben tientallen huishoudens onvoldoende geld over voor huur en vaste lasten. Dat blijkt uit cijfers van CBS en WSW over 2024. de cijfers zijn geanalyseerd door dagblad De Stentor.
Ermelo: 55 huishoudens hebben een betaalrisico, oftewel 47 per 10.000 huishoudens. Dat is bijna drie keer lager dan het landelijke gemiddelde.
Harderwijk: het gaat om 170 huishoudens, 79 per 10.000. Dat is minder dan het gemiddelde van 109 in vergelijkbare gemeenten.
Putten: ook hier hebben huishoudens met lage inkomens te maken met beperkte financiële ruimte. De hoogte van de woonlasten en de beschikbaarheid van betaalbare huurwoningen spelen daarbij een belangrijke rol. Voor deze gemeente heeft de krant geen specifieke gegevens gepubliceerd.
Zeewolde: 55 huishoudens hebben een betaalrisico, 53 per 10.000 huishoudens. Dat is ruim twee keer lager dan het landelijke gemiddelde. Bij 60 procent van deze huishoudens gaat minstens 40 procent van het inkomen op aan wonen.
Betaalrisico’s treffen vooral alleenstaanden. Landelijk bestaat 61 procent van deze groep uit alleenstaanden en 18 procent uit gezinnen met kinderen.


