Groenaanbod openbare ruimte: grote verschillen tussen Ermelo, Harderwijk, Nunspeet, Putten en Zeewolde

In bijna twee derde van de Nederlandse gemeenten bestond vorig jaar minstens de helft van de openbare ruimte uit groen, zoals gras, struiken en bomen. Dat blijkt uit data van stichting Climate Adaptation Services (CAS), geanalyseerd door het ANP. Een groene omgeving zorgt voor schaduw en verdamping bij hitte, een betere luchtkwaliteit en meer biodiversiteit, aldus CAS.

Voor de regio laten de cijfers grote verschillen zien, zowel in het percentage groen als in de hoeveelheid groen per inwoner:

  • Ermelo: 76,6 procent van de openbare ruimte is groen. Elke inwoner heeft gemiddeld 1108,2 vierkante meter groen tot zijn beschikking.
  • Harderwijk: 51,9 procent van de openbare ruimte is groen, duidelijk het laagst in de regio. Elke inwoner heeft gemiddeld 78,1 vierkante meter groen tot zijn beschikking, eveneens fors lager dan de buurgemeenten.
  • Nunspeet: 78,1 procent van de openbare ruimte is groen, de hoogste score in de regio. Elke inwoner heeft hier gemiddeld 2200,0 vierkante meter groen tot zijn beschikking, ruim het meeste van de vijf gemeenten.
  • Putten: 76,3 procent van de openbare ruimte is groen. Elke inwoner heeft gemiddeld 1434,1 vierkante meter groen tot zijn beschikking.
  • Zeewolde: 62,9 procent van de openbare ruimte is groen. Elke inwoner heeft gemiddeld 162,1 vierkante meter groen tot zijn beschikking.

Ermelo, Nunspeet en Putten behoren met hun percentage groen tot de landelijke top 20 van gemeenten. Harderwijk scoort in vergelijking met de rest van de regio duidelijk lager, al is de stad daarmee nog altijd groener dan de meeste Nederlandse steden. Opvallend is dat Nunspeet, ondanks een vergelijkbaar percentage groen als Ermelo en Putten, zijn inwoners gemiddeld veel meer vierkante meters groen per persoon biedt. Dat duidt op een lagere bevolkingsdichtheid ten opzichte van de hoeveelheid groene ruimte.

Volgens CAS moeten gemeenten met relatief weinig groen in de openbare ruimte hun beleid aanpassen, bijvoorbeeld door inwoners te stimuleren en te subsidiëren om ook voor- en achtertuinen te vergroenen. Hoogleraar Klimaat en Duurzaamheid Andy van den Dobbelsteen (TU Delft) verwacht dat steden de komende jaren sowieso groener worden, omdat het belang van groen in de stedenbouw steeds meer wordt onderkend.

Facebook
Twitter
WhatsApp

Gerelateerde berichten

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *